Overstromingen

Overstromingen vanuit rivieren of door intense neerslag veroorzaken geregeld schade in dichtbebouwd Vlaanderen. Door klimaatverandering kunnen er vaker overstromingen voorkomen, ook op plaatsen die tot nog toe niet overstroomden. Meer gebouwen en kwetsbare instellingen kunnen dan overstromen. We verwachten ook hogere overstromingspeilen en dus ook meer schade.

 

Wat is het probleem?

 

In Vlaanderen veranderen de neerslagpatronen. Sinds het begin van de metingen in 1833 is er een langzame maar significante toename van de jaarlijkse gemiddelde hoeveelheid neerslag, veroorzaakt door nattere winters met meer natte dagen.

In de zomer neemt de neerslag niet toe, maar zijn er wel steeds meer en intensere zomeronweders. Zomeronweders met zware neerslag (minstens 20 mm/dag) zijn bijna verdubbeld t.o.v. de jaren ’50. Bij zo’n onweer valt er steeds meer neerslag.

De gewijzigde neerslag heeft een invloed op het watersysteem, naast de toename van verharding en waterbeheersingsprojecten op de waterlopen. De piekdebieten zijn de voorbije decennia toegenomen en ook de kans op overstromingen is gestegen. In sommige gebieden richten die nu al vaker dan één keer in de tien jaar schade aan.  

 

Wat voorspellen de klimaatscenario's?

 

In Vlaanderen kan de hoeveelheid neerslag stijgen tot +38 % tijdens de wintermaanden tegen 2100. Het gaat niet zozeer vaker maar wel meer regenen, bij  aanhoudende regenbuien. Onze winters zullen in de toekomst dus natter worden, wat kan leiden tot frequentere en meer omvangrijke rivieroverstromingen. Tegelijkertijd zullen zomeronweders heviger zijn en vaker voorkomen. Die kunnen zorgen voor een toename van voornamelijk stedelijke wateroverlast, en meer erosie en modderstromen. 
 

Het hoog-impactscenario toont dat de kans op overstromingen in Vlaanderen tegen 2100 kan stijgen met een factor 5-10.

  • Concreet betekent dit dat gebieden die momenteel overstromen met een middelgrote kans (honderdjaarlijks), naar de toekomst toe tot tienjaarlijks kunnen overstromen.
  • Gebieden die nu al eens in de tien jaar overstromen, kunnen dan bijna jaarlijks overstromen.
  • Overstromingen kunnen ook extremer worden omdat de hogere afvoer ervoor zorgt dat de piekwaterstanden toenemen. Gemiddeld verwachten we in Vlaanderen een toename van de maximale overstromingspeilen van 22 cm. Lokaal kunnen die zelfs oplopen tot iets meer dan 1 m. Vooral gebieden met bv. sterk hellende stroomopwaartse valleien of dichte stedelijke afvoerstelsels reageren het gevoeligst.

 

Wat is de impact bij overstromingen?

 

Door klimaatverandering kunnen bij extreme(re) overstromingen nieuwe gebieden overstroombaar worden en nieuwe gebouwen of kwetsbare instellingen bedreigd worden door wateroverlast.

  • Het aandeel hoofdgebouwen geconfronteerd met een gevaarlijke overstromingsdiepte (> 70 cm), kan gemiddeld over Vlaanderen meer dan verdubbelen van huidig 2,6 % naar 6,9 % in 2100 onder het hoge-impact scenario.
  • Het aandeel van de gevaarlijk overstroombare kwetsbare instellingen kan gemiddeld over Vlaanderen ook verdubbelen van de huidige 7,3 % naar 15,7 % in 2100.


Lokaal kan de toekomstige impact dubbel zo hoog worden, met 15 à 20 % gevaarlijk overstroombare gebouwen in bepaalde steden en gemeentes en 30 à 40 % van kwetsbare instellingen die impact kunnen ondervinden van overstromingen.

 

 

Bekijk overstroming op kaart